PoCo Locatiebezoek Rijksmuseum Twenthe
Op 4 mei bracht het PoCo-team een locatiebezoek aan het Rijksmuseum Twenthe. Het museum en de collectie werden door Valentijn As, junior conservator oude kunst, geïntroduceerd. Vervolgens werden de collectie op zaal en in het depot bekeken. Dit bood mooie voorbeelden op de lesstof van Aleth Lorne: hoe vormentaal verbonden is aan de ‘period eye’; de tijdsgeest. Zwierige vormen in Duitse manuscripten komen bijvoorbeeld terug in Duitse beeldhouwwerken uit dezelfde periode. De tweede helft van de dag is besteed aan het onderzoek van beelden in het depot.

De collectie
De collectie van Rijksmuseum Twenthe is ontstaan door Jan Bernard van Heek, een rijke textielfabrikant uit Enschede. Hij wilde zijn grote collectie aan kunst (voornamelijk schilderijen) onderbrengen in een (staats)museum. Zijn collectie werd pas na zijn dood (1923) opgenomen door de staat en het Rijksmuseum Twenthe werd gerealiseerd. De collectie bestond niet alleen uit zijn kunstcollectie maar ook uit de collectie Oudheidkamer Twente, waaraan Van Heek had meegeholpen aan de oprichting. De eerste directeur was Jan Bernards zoon Jan Herman van Heek, die de collectie verder uitbreidde met voornamelijk middeleeuwse kunst: manuscripten, schilderkunst en enkele sculpturen. De sculpturen op zaal worden samen met sculptuur en polychromie expert Aleth Lorne bekeken.
De restauratoren in opleiding van het PoCo team hebben vervolgens een paar beelden uit het depot verder onderzocht. Er is gekozen voor een de Heilige Sebastiaan omdat er onduidelijkheden zijn over de polychromie, onder andere door de restauratie in het verleden. En een beeldje van de Apostelkop. De onderzoeksresultaten worden verder uitgewerkt in een rapport voor het museum.


